Stapje voor stapje naar de overkant

Vanmorgen was het weer tijd voor een intake. Met leerling en ouders heb ik een gesprek voor de toelating tot de plusklas. We kijken naar hoe het gaat op school en thuis en waar de plusklas het betreffende kind verder kan helpen in zijn of haar ontwikkeling.

Sommige kinderen komen schoorvoetend binnen, sommigen stellen gelijk honderd vragen. Bij weer anderen voel ik dat ze op scherp staan, speurend naar wat ze kunnen verwachten. Eigenlijk lukt het bijna altijd weer om ze op hun gemak te stellen.

Tijdens de gesprekken stel ik het kind centraal en praat ik met het kind. Dit is voor sommige kinderen nieuw en best een beetje spannend. Het blijft bijzonder om te zien hoe de meeste kinderen – ondanks de spanning – in staat zijn om zelf aan te geven hoe het gaat, wat ze willen leren, wat ze moeilijk of juist leuk vinden. Van de ouders behoeft het vaak maar een enkele aanvulling aan het eind van het gesprek.

Vaak speel ik tijdens zo’n intake ook een spel met de kinderen en ouders. Ik kies daarvoor meestal Quoridor. Een bordspel waar je met je pionnetje zo snel mogelijk aan de overkant moet zien te komen en waarbij je strategisch moet spelen om de opgeworpen obstakels voorbij te komen.

Dit spel is bijna metaforisch voor wat de kinderen zullen gaan ervaren en leren als ze uiteindelijk op de plusklas terechtkomen. Het is hier niet mogelijk om in één rechte streep van A naar B te gaan. De leerlingen leren stapje voor stapje te werken aan het onderzoeken van iets, het starten van een onderneming en ze leren meer over wie ze zijn. Er zullen moeilijkheden zijn, het zal allemaal niet in een keer lukken of gaan. Kinderen leren zoeken naar hun eigen kracht, om zo in hun vindingrijkheid te zoeken naar oplossingen. Vaardigheden als doorzetten worden aangesproken. Obstakels worden een uitdaging, zullen ervaren worden als onderdeel van het grotere proces.

Maar een aantal dingen zijn essentieel anders dan in het spel. Ik zal niet tegenover het kind zitten en ik zal geen obstakels opwerpen. Ik zal náást het kind staan en hem de hand reiken om de obstakels (samen) aan te gaan, ze te zien als leerproces. Zo wordt de weg naar de overkant, naar je doel, misschien wel belangrijker dan het halen van de overkant.